maandag 15 oktober 2012

Tochtstrip

Vanmorgen in het donker mijn bed uit. Fietskleren aan. Het zou redelijk goed weer zijn vandaag. Bij het ontbijt regent het. Terwijl ik het water op de tegels omhoog zie spatten geeft de buienradar aan dat het droog is en nog wel even droog zal blijven. De wind is fors; in elk geval 5 met uitschieters naar 7. Ik overweeg om mijn fietskleren voor de luxe van de auto om te ruilen. Het weekend was echter zo lui geweest dat ik met schaamte achter het autostuur zou zitten. Elke hap van mijn boterham geeft een andere uitkomst; auto – fiets; auto – fiets. Als het ontbijt achter de kiezen zit, sta ik op met het doel om me te verkleden. Het “voorgenomen besluit” is ‘auto’. In de hal denk ik “kom op, ik ben niet van suiker”, loop terug de kamer in en pak resoluut de fietsspullen, zoen / groet iedereen en ga op pad.

Heerlijk dus. Voor het eerst dit jaar weer eens koude oren; m’n Iceberg shirt houdt me verder comfortabel warm. Wind is er genoeg (schuin tegen). Soms het gevoel dat het meer zeilen dan fietsen is. Op een paar spetters na blijft het droog. Ik geniet van de tocht en voel me heerlijk fit als mijn fietsshirt omruil voor colbert.


Terug kijk ik weer op de buienradar. Het komende uur is er geen bui te zien. De wind is wat gedraaid (van Noord West naar West). Geen voordeel vandaag. Geeft niet, maakt in een Quest echt niet uit. Hard trappen om een ferme bui te ontlopen. Een bui die er niet zou zijn. Even snel met de iPhone een panorama foto gemaakt. Te snel zal blijken; de horizon golft er over.

Het lukt me om droog over te komen. Vorig jaar was de “tochtstrip” een hit. Ik had er voor de Camino een aangeschaft in “Willems Winkel”. Die is er af. Hij bleef niet goed zitten en wat nog erger was. De witte strip verkleurde in de Spaanse zon tot vies nicotine geel (en kreeg al snel de naam tochtstrop). Of ik er een nieuwe opzet? Nah… ben ik nog niet over uit, denk het niet. Of ben ik de enige?

zondag 7 oktober 2012

Een klein rondje

Lenie wandelt vandaag in Drenthe; de dochter slaapt uit. Een pracht moment voor een tochtje. Niemand heeft er last van en ikzelf al helemaal niet. Het is een week geleden dat ik in de fiets zat; te nat; te veel wind of te druk. Wellicht slappe smoezen. In elk geval heb ik er vandaag zin in De wind blaast uit het Noord Westen en neemt de temperatuur van de koude zee mee. Het tempo ligt de eerste kilometers laag en ik merk dat het al weer een week geleden was. De spieren zijn nog goed, de conditie is iets minder. “Ik moet deze week in elk geval een paar keer heen en weer”, zo neem ik me voor.
Het is rustig op de wegen. Weinig tot geen auto’s en het nog vroege ochtendlicht versterkt de zondagochtend.





Bij Dedgum wat foto’s en daarna bij Parrega de grote weg onder door richting Gaast. Een groep spreeuwen danst door de lucht. Het tafereel doet me denken aan de muziek van Simeon ten Holt (Canto Ostinato). Hij componeert “genoteerde ge├»mproviseerde muziek”. Een kader van vijf minuten aan partituur, waarbinnen elke muzikant (meestal piano, in het geval van de mooiste Canto Ostinato uitvoering vier) zelfs bepaalt welke maten ze in welke volgorde spelen. De muziek neemt hierdoor steeds onverwachte wendingen; kan zomaar uren duren en blijft altijd binnen het mooie samenhangende kader.

In Gaast even de dijk op. Het waait een stuk harder dan ik verwacht had. Sinds iOs 6 maakt de iPhone heel eenvoudig panoramafoto’s. Meestal heb ik het niet zo op deze trucjes, maar hier vertelt het effect wel krachtig hoe fraai dit dorp tegen de vroegere Zuiderzee aangeplakt ligt.


Langs de dijk naar Makkum en daar sta (uh… lig) ik voor een dilemma. Rechtdoor tegen de koude wind in naar Harlingen of hier afbuigen naar Exmorra zodat ik de wind in de rug krijg. Ik kies voor het laatste. Dan maar wat minder kilometers. De weg is smal en ik stop voor het laatst voor een paar foto’s van het dorp Schraard. De stilte is groots en kruipt mijn gedachten en mijn lijf binnen. Geen mens te zien of te horen. Alleen de wind die over het land waait. Potverdrie wat een dag.


Na iets meer dan 50 kilometer gaat de fiets in het hok. Ik poets een dikke vogelklodder van de Quest en ben mooi op tijd terug. De koffie is weldadig warm als ik boven de slaapkamerdeur hoor opengaan.