Posts tonen met het label vizier. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vizier. Alle posts tonen

woensdag 26 november 2014

Frips

Gister een eind gelopen in een windstille wereld. Vond het te koud om te fietsen. De wandeling leverde wel een aantal mooie verstilde beelden op.





Vandaag de fiets gepakt. Ondanks het feit dat wind en kou dit keer volop aanwezig zijn. Een laagje Icebreaker onderkleding aan (wat een fantastisch spul); Peters grote vizier op de fiets tegen de snijdende wind. De “deflector” met klittenband geplaatst.
En op het laatst toch nog maar een Buff gepakt (dat ding moet hier toch ergens liggen….).

Een Buff is een onmisbaar dun winddicht warm doekje voor om je nek, over je oren of over je hoofd. IJsland rond had ik er vier mee; veel te bang dat ik zonder zou moeten. Bij regen, sneeuw en wind; Een Buff houdt je comfortabel warm en vrij droog.

De deflector zit vrij dicht op het vizier, met twee luciferprikjes wat extra “ontwasemingsruimte” gecreëerd. Onderweg was de wind inderdaad “frips”. Ik schat een windkracht 4 a 5 bij een graad of 4. Mijn tempo lag met die kou en de wind schuin van voor niet al te hoog. Een kruissnelheid van tussen de 33 en 35.

Aan het Sneekermeer is land onderwater gezet. Nu drijven en verzamelen de vogels zich hier. Nog even en honderden mensen binden hun krassende ijzers onder.




Net na Joure verlies ik de lucifersprikjes. Het vizier beslaat meteen. Ik stop en zet de deflector wat strakker. Door de spanning ontstaat wat ruimte voor een luchtstroom onderlangs. Ooit eens op een blog wat gelezen over ‘afstandhouders’ ; een soort hele kleine dopjes van plastic. Weet alleen niet meer wie of wat; me helpen zoeken mag J


Het laatste stuk fiets ik weer – met de wind mee – boven de 40. Daarna pittig aan het werk. De fris- en fitheid van de tocht blijf je de hele dag voelen. Heerlijk.

zondag 19 februari 2012

mini-mini-vizier


Kijk, van mijn hand verwacht je niet snel een stuk proza over “techniek”. En dat is wel logisch, want daar heb ik geen verstand van (zo kreeg ik vorige week immers de garagedeur niet eens open). Blijkbaar is echter ook voor mij irritatie een fraaie bron voor vindingrijkheid. Ik probeer – nu de sneeuw verdwenen is – wat vaker naar Leeuwarden te trappen. Slecht zicht vind ik een ramp. De eerste stap was de aanschaf van een heuse Rudy Project Perception Titanium (de naam alleen al) bril. Een fietsbril op sterkte met een onvervalste kantelbare zonneklip. Je fietst voor aap; mijn kinderen hebben overwogen om me te vondeling te leggen, maar functioneel (en redelijk betaalbaar) is de bril zeker.



De tweede stap naar beter zicht was een aanpassing aan het mini-vizier. Ik heb er een enorme hekel aan als die beslaat en dat doet het handige ding als geen ander. Het grootste voordeel van het vizier vind ik de rust. Geen gesuis meer aan je oren van de (tegen) wind. Zonder mini-vizier lijkt met fietsen in een Quest echt een aanslag op je gehoor en daar heb ik me wel eens zorgen om gemaakt.

Enige tijd geleden heb ik een vizier vervangen. Er zaten wat krassen op. Vorige week heb ik van het ‘reserve vizier’ een brede strook afgeknipt, zodat er een mini-mini-vizier van ongeveer een cm hoog overbleef.  Aan de “buitenkant”  van dit mini-mini-vizier is vervolgens klittenband geplakt; precies zoals op de fiets zit. Daarop is nu het “grote” vizier bevestigd. Twee hele kleine strookjes (0,2 cm) klittenband 10 cm links en 10 cm rechts van het midden zorgen ervoor dat de twee stukken Lexan niet  tegen elkaar komen. En verdorie; het werkt gewoon! Ik fiets er nu de hele week mee en het zicht is veel beter; zonder dat ik last heb van het extra randje Lexan.  



Wellicht hebben vele Questrijders eenzelfde oplossing bedacht. Zo niet? Doen; pak die schaar; het scheelt veel ellende. Nog beter: Wim werk het idee verder uit en zet hem in de winkel.

Nu alleen nog een oplossing voor mijn andere irritatie; lekke banden. Daar had ik er deze week ook weer twee van; zowaar de Schwalbe Marathons….. 

zaterdag 1 oktober 2011

In de herkansing

Een maand geleden ben ik het IJsselmeer rond gefietst. Toen 217 kilometer onder redelijk erbarmelijke omstandigheden. Ongeveer 80 kilometer harde regen; windkracht vijf continue, hopeloos verdwaald in Lelystad en 5 keer lek. Toch vond ik het een heerlijke tocht.

Omdat het vandaag mooi weer zou zijn en omdat ik toch wel wilde zien waar ik allemaal langsgefietst was, vanmorgen voor het krieken van de dag opgestaan. Net voor achten reed ik de straat uit. Ik heb geleerd van de vorige tocht in de mist. Twee brillen mee; een gewone bril en een zonnebril. De mist leverde - naast een compleet beslagen vizier – wederom prachtige beelden op.


Het ging lekker. Het beperkte zicht zorgde er wel voor dat ik niet op topsnelheid reed, maar binnen het uur was ik Friesland uit. Mooi langs het IJsselmeer naar Urk. Daar brak ook de zon door. Zelden heb ik het water zo stil zien liggen. Heel anders dan in de mist, maar ook nu fiets ik langs grote schoonheid.



Peter de Rondt had me uitgelegd dat je heel goed langs het meer naar Lelystad kan fietsen (“nee hoor, je hoeft echt geen schapenhekjes door) en dat je dan heel mooi bij de dijk naar Enkhuizen uitkomt. “Verdwalen? Ah, joh. Dat kan echt niet”. En inderdaad het lukt. Via de dijk het fietspad volgen. Een paar keer bukken onder de slagboom door en hup, voor je het weet heb je Lelystad (gelukkig) achter je liggen. Dan via de snelle, maar niet zo bijzondere dijk naar Enkhuizen. Ik had Arjen Haayman via Twitter gevraagd of je goed over de dijk van Enkhuizen naar Medemblik kon fietsen. Hij was direct enthousiast.
We hebben vanaf Enkhuizen de Zuiderzeeroute gevolgd en het stuk tot aan Medemblik was letterlijk en figuurlijk een hoogtepunt.”

Mooi, geen anti-Quest obstakels op de dijk! De vorige keer genoot ik om onder de dijk te fietsen; fraaie boerenhoeves, mooie oude kerkjes en verstilde dorpjes. Nu op de dijk het IJsselmeer, de weide en weidevogels, de boten op het water en de dorpjes wat verder weg. Wel veel elektrisch verkeer; geregeld terug naar 25 km/uur en dan vriendelijk vragen of je er langs mag.


Arjen had gemeld dat Thomas van de Westen vandaag ook het IJsselmeer zou gaan ronden. En verdraaid. In Medemblik bots ik zowaar tegen twee Quest rijders op. Ik zeg “een van jullie moet Thomas zijn”; verbaasde gezichten. Niet dus.


Het zijn Kees van de Wetering (Quest 323), die vandaag ook het IJsselmeer als tocht heeft uitgekozen en Jur Vogel; die in de Carbon Quest van Pa (Niels Vogel) Noord Holland onveilig maakt. Jur en Kees hebben elkaar een paar kilometer geleden ontmoet en nu staan er op eens 3 Questen het trottoir van Medemblik te blokkeren. Kees is via Friesland gefietst en gaat nog via Amsterdam. Dat wordt een dikke 100 kilometer meer dan ik moet (mag of wil). Petje af (en fietshelm weer op; hop daar gaan we weer).


De rest van de tocht is vooral warm. De afsluitdijk is net als de dijk naar Enkhuizen ook geen landschappelijk hoogtepunt (behalve dan het monument van Berlage). Aan het eind van de dijk nog even wat water gepakt en gekletst met een sportieve heer op Skeelers (wat een rot sport…brrr… je kunt niet eens goed remmen). Hij had ooit overwogen een Quest te kopen. Maar een wachttijd van drie jaar vond hij te bizar. Ik vertel dat die wachttijden over zijn en er verschijnt een twinkeling in zijn ogen. “Maar ja, dan ben ik helemaal nooit meer thuis”. Ben benieuwd wat er van terecht komt.

Na de dijk is de lol er voor me af. De weg is fraai, langs Witmarsum naar Bolsward, Nijland en Sneek. Maar mijn benen hebben in de ‘hitte’ niet veel zin meer. Met een 30 / 32 per uur worden de laatste kilometers afgelegd.


De douche hebben we inmiddels gehad; mijn partner loopt vanavond vijfentwintig kilometer (das pas ver) en ik heb zeer gezellig met mijn dochter gegeten in een prima Italiaanse restaurant. Straks maar even naar mijn Pa; Vitesse – Heerenveen, toch geen gek leven zo.


zondag 7 augustus 2011

Droech oer de feart

Bijzonder weer vandaag; wind (kracht 5); felle grijze buien en strak blauwe luchten. Te mooi weer om binnen te blijven zitten. Het Sneekermeer vond ik vandaag geen optie (druk) en met zoveel wind leek het me niet onverstandig om te beginnen met wind tegen: De ZuidWestHoek in. Een pracht tocht van een kleine 70 kilometer. De eerste helft -zoals beloofd- de wind stevig tegen of net van de zijkant. Zelfs de meren waren leeg; een paar motorboten en een, twee gereefde zeilbootjes op het open water. De rest lag aan wal; mooi weer voor een boek.



Het fietst heerlijk met vizier. De snelheidswinst vond ik niet belangrijk vandaag; het vizier maakt het fietsen zoveel stiller. Met een rustig voortkabbelend tempo van 34 km per uur fiets ik tussen de meren door. Het lichtspel van wolken en zon blijft de hele route boeien. Dan is de lucht dreigend en donker; dan knalt het blauw er weer door. Halverwege koffie bij warme vrienden (en pracht mensen); een extra reden om de hele tocht fluitend voort te zetten.

Vanaf Koudum wind mee. Hele stukken tegen of ruim boven de veertig gefietst. Qua conditie en snelheid begint het er weer een beetje op te lijken. Bij it Heidenskip (waar anders) een hele beste bui op mijn hoofd. Gestopt en het zeiltje "aan getrokken". Stoppen bleek zo wie zo de beste optie; ik fietste in de vrij kleine bui mee.

Friesland heeft elke fietser veel te bieden. Kilometers fietspad en een aantal pontjes die je over menig meer of sloot zetten. Voor een Quest zijn veel fietspaden eigenlijk niet te doen. De fiets jaagt elke tegenligger (met of zonder trapondersteuning) consequent het weiland in. Ook zonder tegenliggers is snelheid illusie: Haakse bochten en voorzichtig stapvoets manoeuvreren tussen schapehekjes door. De gevolgen voor het gemiddelde zijn desastreus.



Toch blijft het trekken, die smalle paden door het weiland. De geur van gras; de vogels; het ontbreken van auto's en het lonkende overtochtje met de pont. Het blijft een belevenis. Vanwege de wind en regen durfde ik het aan om het fietspad en de pont naar Gaastmeer te nemen. Zonder veel tegenliggers bereik ik Ynthiemasleat. Ik word voor een euro keurig overgezet door een heuse kapitein. Ben ik vandaag toch nog even een boat...

zondag 31 juli 2011

Hee, man.... het werkt !

Gister teruggekeerd uit Zuid Frankrijk (zo mooi he, die Provence; en zo mooi he, die heerlijke zon). In twee dagen terug gereden; gelukkig geen enkele last gehad van welke zwarte zaterdag dan ook. Vanmorgen er – zelfs al ligt het eigen bed toch het lekkerst – vrij vroeg uit. Ik had zin in een rondje Sneekermeer.

Sinds 1 juni de tweede keer dat ik een stukje fietsen kon. Vlak voor mijn vakantie had ik een minivizier besteld bij Wim Schermer. Vanmorgen het pakje opengemaakt (daar doe je ongeveer even lang over als over de complete bevestiging: Tjee, Wim, er zat voor wel een euro plakband om het doosje); de nog vers gespoten Quest vetvrij gemaakt; klittenband geplakt en het vizier zit inderdaad prachtig en als een huis.


Wat extra wind in de banden en hop; er vandoor. Al snel valt het comfort van het vizier op. Geen windgeruis in de oren en geen ge-traan van mijn ogen. “Dit fietst echt lekker”, denk ik glimlachend als ik Sneek achter me laat. Ik heb op het moment geen enkele conditie (echt niet); een paar keer een paar kilometer wat gelopen in Frankrijk, maar verder niet. Zelfs een (airco) kou opgelopen met flink hoesten en weinig lucht in de longen. Toch fiets ik tussen Sneek en Joure constant iets boven de 35 km/u. Dat moet het vizier zijn; dat kan echt niet anders.

Gisteravond had ik Wim’s verhaal gelezen over de ROAM en de snelheidswinst die bereikt kan worden met andere banden en het minivizier. “Phew”, dacht ik gister, “hier worden harde stellingen geponeerd”. Vanmorgen - na Joure, maar nog voor Akmarijp - wist ik dat deze stellingen kloppen.

Nu reken ik anders dan Wim; niet in Watts; niet in procenten snelheidswinst, en ook niet in Kcal. Ik reken in tijd en tijdwinst. Toen ik me aan het voorbereiden was voor mijn tocht rond IJsland heb ik even de Schwalbe Marathon Plus om mijn wielen gehad. Mijn gemiddelde daalde direct met een 2,5 kilometer per uur. Eigenlijk niet eens heel veel; behalve als je 8 uur fietst op een dag. Dan worden twee en een halve kilometer opeens twintig kilometers; toch een drie kwartier tot zelfs (op IJsland) een uur per dag langer fietsen.

Wim en ik rekenen anders; maar de conclusies zijn hetzelfde. Vooral als je lange tochten maakt; heb je veel plezier en baat bij elke snelheidswinst die je haalt.

Als ik mijn brakke conditie in ogenschouw neem; als ik weet dat ik eigenlijk acht weken niet gefietst heb en als ik met droefheid ook nog moet vaststellen dat Frans stokbrood niet verteerd wordt maar zich rondom je buik nestelt, dan is een gemiddelde van 33,5 km per uur voor het tochtje Sneekermeer heel mooi: Chapeau Wim voor de uitvinding van het minivizier of de "Wimd Be-Schermer".

Mijn tocht vandaag; die was heerlijk. In de vroege zondagochtend stilte ben ik even bij “mijn” ooievaars wezen kijken. Hoeveel er nu zijn weet ik niet. Er zat een al flink uit de kluiten gewassen jong op het nest die rustig bleef zitten toen ik de foto maakte. Verder wat bootjes op het meer; wat vogels in de lucht en wat oude legervoertuigen op weg naar de ballonvaarten in Joure. Friesland is mooi; voor al in de fiets.



Nog even terug naar de ROAM. Ik vind het een monstertocht waar ik met respect over lees en over mijmer. De afstanden zijn mij per dag te ver. In mijn Alleweder rond IJsland zat ik op een 150 km per dag. Met een gemiddelde van 20 kilometer per uur was ik daar tevree. Zelfs als ik niet hoefde te klimmen was ik blij met een dikke 20. Het wegdek: Het wegdek was zo slecht (eigenlijk niet meer dan samengeperste lava van een zeer open structuur) dat mijn kruissnelheid in vergelijking tot Nederland, Duitsland of Denemarken zeven kilometer lager lag. Mijn Schwalbe Marathon banden waren na 1800 kilometer op; helemaal op (zie foto; maar lek rijden, nee hoor)


De laatste –gravel- berg kwam ik zonder hulp van een VW bus niet eens over. Ik hoop dat de conditie van het wegdek in de States is meegenomen bij het bepalen van de dag afstanden.

Tot slot, in een groep rijden is mooi. Alleen er is altijd iemand die het laatste aankomt. Er zal altijd iemand moeten zijn op wie de groep wacht. Ik hoop dat – gelet op het monster achtige karakter van de tocht – dit steeds een ander mag zijn omdat "de traagste" anders geen leven heeft.

Ik weet - sinds vanmorgen - dat dit te organiseren is: Elke dag mag er één deelnemer niet met Wim’s Wonderbaarlijke Minivizier fietsen. Gegarandeerd dat die als laatste aankomt.