maandag 2 mei 2011

Leve de Koningin!



Vrij vroeg de weg weer op. Naar Bakkum, dit keer. Iets meer dan 100 kilometer, dat kan het lijf wel aan. Utrecht was nog mooi stil die ochtend. Van de koningin hoefde je er vandaag alleen maar vroeg uit als je wat wilde verkopen. Dus alles wat ik tegenkwam - zo onderweg door de stad - waren oranje uitgedoste mensen met dozen en kleden. "Het moet een surrealistisch schouwspel zijn, als je hier als buitenlander rondloopt.. "

Wat even zo opviel was dat - die ochtend, en waarschijnlijk niet alleen die ochtend - stoplichten geen functie meer hebben. Ik trachtte nog geregeld zo met mijn Quest te mikken dat ik precies naast het knopje bij het stoplicht stil stond en ik met een ferme tik aan de ambtenaar doorgaf dat hij het licht op groen kon zetten (voorwaar, voorwaar... ik kan altijd nog gaan ringrijden).

Ik was zo ongeveer de enige; alles fietste gewoon door. De auto’s wat ontwijkend; maar zucht… wat kan ik dat slecht…. Gewoon doorrijden.

Na een enkele omleiding (grrrr… ik leer deze dagen ook te goed flintstonen) was ik blij de stad uit te zijn. In Harmelen stapvoets langs het feestgedruis . Daarna over één van de laatste binnenwegen van de randstad richting Uithoorn. (mooi; een slingerend dijkje; knotwilgen die bogen in de harde wind; luxe sloepjes… en was onze volkszanger nummer 1 hier niet ooit “politicus” ? )




In Uithoorn wederom een omleiding. De hoofdweg af en de nieuwbouwwijk door. En jawel. Ik sluit aan in de heuse koningingedagoptocht! De politie op motor voorop; dan de fanfare compleet met dansmariekes, gevolgd door kinderen, moeders en vaders, veel vaders met kinderen op de nek.
Als ik ook wat oranjes had, mocht ik blijven… anders moest ik de stoet uit… zo werd me lachend toegeroepen. Ik wees op de achterkant van de fietst; gelukkig…. ik mocht blijven en liet me gedwee gedurende twee kilometer meevoeren in de bonte optocht. In elk geval had ik zo ook de mogelijkheid om te vragen hoe ik weer op de route richting Badhoevedorp kon komen.

Vanaf Uithoorn was het groen grotendeels even op; en als het groen is, heet het opeens park of zo. Ik kreeg wel meer respect voor de snelheden van Beekie. Draaien, keren, uitkijken, stoplicht, minirotonde, boze fietser, boze automobilisten en alweer een omleiding of drie….
Dus dit is de Randstad en ik dacht ook even aan alle roetdeeltjes die Marcel Prins beschreven had. Friesland is zo gek nog niet (he Marcel !) Blij verbaasd was ik –ondanks vliegtuigen - met de Spaandammerdijk voordat ik IJmuiden binnen reed.





Vanaf daar was het nog een klein stukkie naar Bakkum. In Bakkum heb ik me wederom onvrijwillig in het feestgedruis gemengd; stapvoets de vrijmarkt over. Schreeuwende kinderen die je fiets willen zien en volwassenen die honderd keer roepen “Wat kost tie? Nou vooruit… een euro bied ik”

De jeugdherberg (met fietsenhok, dat wel… zie foto) had het diner geschrapt; er waren te weinig mensen om de kok over te laten komen. Eerst een uurtje geslapen (De nacht in Houten was rampzalig, immers) Daarna mezelf getrakteerd op “Asperges aan Zee”. Dat was voorwaar geen straf.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen