zaterdag 30 april 2011

Nederland vlak? nou, vooruit dan.....

(Wat leven we toch in een fraai land.)

Na uitgebreid afscheid genomen te hebben van mijn broer Ivo en van Carien
(juist, ja) op weg naar Bunnik. Er stonden mij twee routes ter beschikking. De zuidelijke via Arnhem en dan langs de Rijn om uiteindelijk bij Wijk bij Duurstede naar Bunnik af te buigen en de route over de Veluwe. Het verschil in kilometers was te verwaarlozen: 130 langs de rivier en 124 over de Veluwe. Ik had met mezelf afgesproken na Zutphen de keuze te maken. Wind en zon zouden bepalend zijn. De weg naar Zutphen was van grootse schoonheid. Bos, akkers, een verdwaalde koe en heerlijk rustige goed rijdende wegen. Mooie namen als "de kring van Dorth" en de "Joppelaan" rolden onder mijn wielen door.






Zutphen was vrij snel in zicht. Ik wilde Deventer niet weer door (drukke stad) en had ooit begrepen dat Zutphen ook een pareltje is. Anderhalf uur heb ik in de stad doorgebracht; veel langer dan bedoeld of gewild: er werd -oh nijver volk- aan de weg gewerkt. Het fietspad was opgebroken en de hoofdweg was voor mij gezien het razende verkeer geen optie. De fietsomleidingen werden van A tot en met E aangegeven. Allemaal omleidingen naar pracht plaatsjes; maar ik kende er geen een! Op de gok Warnsveld uitgekozen. Vraag me niet waarom, maar dat klonk toch aardig Veluws. Een echt tweewieler pad bracht me er heen.



Passen, meten maar het ging! Warnsveld is niets mis mee. Het dorp trof haar voorbereidingen voor een geweldig Koninginnefeest; maar op de Veluwe ligt het niet. Mijn Garmin was de weg echt kwijt (zet nooooooit automatisch herberekenen aan) en bracht mijn route naar 160 km! Een lus; terug naar Bathmen, wat een onzin!
Puur omdat ik me herinnerde dat Eerbeek op de Veluweroute lag, de Garmin die kant op geprogrammeerd. En zoef, Zutphen door, richting Eerbeek. Daar de originele route weer opgepikt, om in Loenen me te goed te doen aan een kom soep en een uitsmijter.



Ooit schreef ik een verhaal in mijn IJslandblog over klimmen. De titel was "als God wilde dat Friezen konden klimmen, had hij ons wel een berg gegeven". Nu op de Veluwe kwam ik er weer achter dat Nederland stiekem toch niet vlak is. Grrrr... Wat heb ik een hekel aan klimmen en vooral aan vals plat. Je denkt dat je band lek is, of dat je rem aanschuurt. Niets in de omgeving wijst erop dat je omhoog fietst - of in mijn geval; kruipt - . Ik heb de hoogtemeter opgezocht in de Garmin en volgens haar had ik al 56 meter (!) geklommen. "aaaah, zit dat zo...." en gerustgesteld kroop ik door. Nu zegt een al oude wet "what comes up, must come down" (welke popgroep??). En inderdaad ging het hard, richting benee. Ik kan alleen niet met de voorste bladen schakelen, maar heb op de Veluwe zowel het binnen als het buitenblad gemist.






Bij Barneveld merk je dat ons Holland drukker wordt. Minder mooie binnenwegen en meer mini-rotondes; wat een drukte. Vlak voor Zeist nog een keer klimmen om daarna in een mooie lange afdaling Bunnik in te glijden. Een nachtje Stay Okay in een kasteel: een diner met Carpachio vooraf en Tortellini met Spinazie als hoofdgerecht. 's Ochtends een prima ontbijt. Ik was € 40.- kwijt. Dit was helaas inclusief een optreden van 4 compleet dronken (en overgevende) knapen om half vier in de nacht bij mij op de 8 persoons slaapzaal. Maar ach, je kunt niet alles hebben.....





vrijdag 29 april 2011

Wie dut mij wat!

Wat een dag! De eerste grote (oké, wat grotere) tocht in de Quest. Mooi fiets weer maar wel met enige spanning de deur uit. Ik had 3 maanden zo goed als niet gefietst; een brakke conditie; door nachtelijk kramp geteisterde spieren en met afvallen is er bij mij meer gewichtswinst te halen dan met de aanschaf van een Carbon Quest.

Mijn neef in Bathmen was jarig dus die bestemming lag in het verschiet. Ik wilde een mooie route en maakte met mapsource een rit van 150 km langs verschillende pontjes en dijken. Het eerste pontje (Langweer) lag eruit. Jammer maar zeker niet onoverkomelijk. Ik ken alle wegen zo binnen de lijn Harlingen / Leeuwarden / Heerenveen en wellicht ken ik ook zo ongeveer elke hond in dat gebied. De route aangepast en via Joure en St. Nicolaasga naar Langellille.





Daar aan de Tjonger mijn eerste bakkie thermoskoffie. Heerlijk. Een pracht verstild landschap, weinig verkeer en mooie vergezichten. Via Spanga naar Ossenzijl; de Weerribben. Een van mijn favoriete routes is over de oude dijk langs Blankeham, naar Blokzijl (pracht plaatsje) en Vollenhove. Nu dus een omweg om dwars door de Weerribben te fietsen.
Wat een stilte; wat een landschap. Kikkers, Ooievaars (wie wint), honderden ganzen waarvan een familie met klein kroost de weg pardoes overstak en een slingerend weggetje dat me al dat moois liet zien. Op de cadans van de pedalen een lied in mijn hoofd: wie dut mie wat; wie dut mie wat vandage...

Zo voelt (fiets)vrijheid dus.




Met een kruissnelheid van lekker bedaard rond de 32 km voelde ik me geheel en al in mijn element. De (enorme) bui net boven Zwolle kon ik zelfs waarderen. Het zeiltje erop en hop; het bleef binnen mooi droog. Kon zelfs de Garmin aan het stuur nog goed zien. Wel besloeg mijn bril als een dolle; daar moeten we nog wat op vinden. En als we er niets op vinden, ook geen man overboord.

Langs de randen van Zwolle (jee, hier al?) naar Veecaten. Daar staat het veerhuis en de pont naar Zalk. Beide gerund door mensen met een verstandelijke beperking ( zo heet dat tegenwoordig ). De cappuccino met Appelgebak smaakte voortreffelijk en al tillend kon de Quest overdwars met de pont mee. Mijn dag kon na zoveel moois niet meer stuk!




Ik verbaasde me een beetje over de wind. Ik zou hem mee hebben, maar aan het gesuis in beide oren te horen kwam ik de wind ook tegen. De snelheid over de dijk naar Deventer bleef net boven de dertig en dat vond ik mooi zat (wie dut mie wat). Draaiend door het landschap van knotwilgen, oude hoeves en ooievaarsnesten. Mijn broer vertelde later dat een van de bewoners aan de dijk geprobeerd had deze twee dagen per week af te laten sluiten voor tourende motoren; ik snap de aanwoners; en ook al heb ik niets met motoren; ik snap de motorrijder ook.




Helemaal verbaasd reed ik Hattum uit door echt Veluws bos en werd ik getrakteerd op een eeuwenoud sluisje met groot verval. Nederland is prachtig als je maar niet alleen voor de auto kiest.



Nog een paar keer op de dijk gestopt om even in alle rust wat te drinken. De lucht diep in te ademen en te genieten van alles wat er geboden werd. Om vijf uur Coen -mijn neef- gebeld en gevraagd of ik welkom was. Ik was welkom en dat heb ik me de hele avond gevoeld. Wat een leuke avond! Lekker bij mijn broer op de bank en omringt door de warmte van het gezin. Ik voelde me er heerlijk thuis en vond het geweldig om zo Coen 's verjaardag mee te maken!

''s avonds nog even opgezocht hoe ik "wie dut mie wat" moet schrijven. Blijkt het hele nummer over fietsen te gaan! (op fietse). Of toeval bestaat; kweet nie. De "ontdekking" gaf me wel een grote glimlach.


Wie dut mij wat, wie dut mij wat, wie dut mij wat vandage
'k Heb de banden vol met wind, nee ik heb ja niks te klagen
Wie dut mij wat, wie dut mij wat, wie dut mij wat vandage
'k Soll wel zeggen ja het mag wel zo

dinsdag 26 april 2011

Yep... nu hoor ik er echt bij....

Het weekend niet kunnen fietsen wegens verplichtingen over zee (schoonfamilie weekend op Terschelling; leve het mooie weer). Peter had - zoals beloofd - het weekend de tijd genomen om de fiets nog even een keer helemaal bij langs te lopen en van nieuw schoeisel te voorzien.
Ik had hem nog even een lijstje gemaild van zaken die volgens mij aandacht behoeven. Eén ervan was de derailleur. Ik vond dat hij niet lekker schakelde op het grote blad en dat – met name van de zevende naar de achtste versnelling – hij meer lawaai maakte dan volgens mij verantwoord was.

We spraken af dat we samen even zouden kijken. Op de rollerbank werd inderdaad duidelijk dat het schakelen absoluut niet soepel verliep. De oorzaak was tweeërlei:
- Ik had waarschijnlijk bij het losmaken van mijn SPD’s een tik tegen de derailleur gegeven; die stond behoorlijk scheef (Tja, dat krijg je ervan als je alleen maar met Rolhoff gefietst hebt)
- Peter had de ketting ingekort; waarschijnlijk net iets te kort. Terugschakelen vanuit de eerste versnelling was niet mogelijk.

Ik heb bewondering voor de snelheid waarmee Peter de problemen doorziet; jammer vond ik het dat hij zijn kettingpons had uitgeleend. Daarnaast was er nog iets vreemds aan de hand. De derailleurkabel was voor (waar hij de bocht maakt) zo goed als door. Alsof hij tussen de trappers gekomen was. Vreemd, je zou zeggen; zoiets moet je merken.

Ik wil de komende dagen nog even lekker veel fietsen (mijn partner is straks 4 weken lopend onderweg naar Santiago de Compostella en dan vragen kids veel meer aandacht dan de Quest) dus zin in reparaties heb ik voorlopig niet. Dan maar alleen op het middelste blad fietsten. Ik kan – ik weet dat ligt aan mij – niet harder dan een kilometer of 35 per uur, maar dat is dan maar zo. Als ik de voorbladen niet gebruik is er niets aan de hand en kan ik toch nog wat kilometers maken.



Vandaag dus weer een stuk gefietst (ja, weer het Sneekermeer). Harde wind en bewust wind tegen wat opgezocht. Goed te doen; wel geen records maar tegen of boven de 30 was te fietsen. Wel is mijn conditie nog prut (grrr) en het weekend lui op Terschelling heeft ook weer haar invloed gehad. Morgen naar Leeuwarden (werk) en dan maar beoordelen of ik donderdag de geplande oversteek naar Bathmen aan wil en durf.

In tegenstelling tot in de Alleweder fiets ik niet meer alles keurig over het fietspad. Vlak onder Terhorne is een bij zeilers bekende brug. Heerenzijl. Het fietspad kronkelt daar alle kanten op en een aantal keren kruist het fietspad het voetpad of de inrit naar de parkeerplaats. Ik verkoos de rijweg en fietste met een redelijk gangetje de brug over. Niets aan de hand. Totdat ik in het dorp Terhorne opeens werd afgesneden door een heuse Ferrari rode Matiz: De boze brugwachter: Of ik in het vervolg wel het fietspad wilde nemen. Ik vertelde hem vol trots dat dat niet hoeft in een Velomobiel.

Hij geloofde er niets van en het was wel geen politieagent. Toch had ik het gevoel dat ik er als Quest rijder voor het eerst er een beetje bij hoorde……